Box 3 in 2026: tarief, vrijstelling en percentages

  • Gids
  • 23 de augustus de 2026
  • (0)

Belasting & vermogen — bijgewerkt aug. 2026

In box 3 betaal je 36% belasting, maar niet over je vermogen — over een aangenomen rendement daarop. Voor spaargeld rekent de Belastingdienst in 2026 met 1,28%, voor beleggingen en vastgoed met 6,00%. Dat verschil van bijna vijf procentpunt bepaalt je aanslag meer dan het bedrag op je rekening.

De cijfers van 2026

· Tarief: 36% over het berekende rendement.
· Heffingsvrij vermogen: 59.357 euro per fiscale partner.
· Forfait banktegoeden: 1,28% (voorlopig).
· Forfait overige bezittingen: 6,00% — beleggingen, tweede woning, beleggingspand, cryptovaluta.
· Forfait schulden: 2,70% (voorlopig) — die mag je aftrekken.
· Peildatum: 1 januari.

Hoe box 3 werkt

Box 3 is de belasting over je vermogen: spaargeld, beleggingen, een tweede woning, cryptovaluta. Niet je eigen woning — die zit in box 1 — en niet je pensioen.

De rekenwijze is de bron van vrijwel alle verwarring. De Belastingdienst kijkt niet naar wat je daadwerkelijk hebt verdiend, maar gaat uit van een forfaitair rendement: een aangenomen percentage per categorie bezittingen. Over dat aangenomen rendement betaal je vervolgens 36%. Had je een topjaar op de beurs, dan betaal je hetzelfde als iemand die verlies leed met precies dezelfde portefeuille.

De drie categorieen en waarom dat uitmaakt

CategorieForfait 2026Wat er onder valt
Banktegoeden1,28% (voorlopig)Spaarrekeningen, betaalrekeningen, deposito’s
Overige bezittingen6,00%Beleggingen, tweede woning, beleggingspand, crypto, uitgeleend geld
Schulden2,70% (voorlopig)Aftrekbaar, boven een drempel

Het verschil tussen 1,28% en 6,00% is de belangrijkste knop in het hele stelsel. Dezelfde 100.000 euro levert een aangenomen rendement op van 1.280 euro als spaargeld en van 6.000 euro als belegging. De belasting daarover is respectievelijk 461 en 2.160 euro — een verschil van meer dan vier keer, terwijl het bedrag identiek is.

Let op deze twee dingen

· De percentages voor spaargeld en schulden zijn voorlopig en worden pas begin 2027 definitief vastgesteld. Je voorlopige aanslag kan dus afwijken van de definitieve.
· Cryptovaluta valt onder ‘overige bezittingen’, dus onder de 6%. Dat verrast veel mensen die het als spaargeld beschouwen.

Een rekenvoorbeeld

Neem iemand zonder fiscale partner met 150.000 euro spaargeld en 50.000 euro aan beleggingen op 1 januari 2026, zonder schulden.

StapBerekeningBedrag
Rendement spaargeld150.000 × 1,28%€ 1.920
Rendement beleggingen50.000 × 6,00%€ 3.000
Totaal aangenomen rendement1.920 + 3.000€ 4.920
Aandeel boven de vrijstellingVermogen 200.000, vrijgesteld 59.357ca. 70,3% telt mee
Belastbaar rendement4.920 × 70,3%ca. € 3.459
Belasting3.459 × 36%ca. € 1.245

Dit is een vereenvoudigde weergave om de mechaniek te laten zien; de exacte berekening van je aandeel boven de vrijstelling doet de Belastingdienst zelf. Wat je eruit moet meenemen is de verhouding: die 50.000 euro aan beleggingen levert meer belasting op dan de 150.000 euro spaargeld.

Waarom dit stelsel wordt aangevochten

Jarenlang rekende de Belastingdienst met een fictief rendement dat voor spaarders ver boven de werkelijke rente lag. Wie zijn geld op een spaarrekening had staan die nauwelijks iets opleverde, betaalde belasting over rendement dat nooit is behaald. Dat is via de rechter aangevochten en dat heeft geleid tot herstel en tot een beweging naar een stelsel op basis van werkelijk rendement.

De huidige forfaits liggen dichter bij de realiteit dan de oude — 1,28% voor spaargeld is verdedigbaar bij de rentestanden van nu. Voor de categorie ‘overige bezittingen’ blijft 6,00% een grove aanname: een verhuurd pand met een laag rendement en een goedlopende aandelenportefeuille worden over één kam geschoren.

Wat dit voor jou betekent

· Bewaar je jaaroverzichten. Als er herstel of een overgangsregeling komt, is je eigen administratie het enige waarmee je een afwijkend werkelijk rendement kunt onderbouwen.
· Ga er niet van uit dat een adviseur je hier veel kan besparen: de forfaits zijn hard. De ruimte zit in de samenstelling van je vermogen, niet in slimme trucs.

Wat valt er wel en niet in box 3?

Een verrassend groot deel van de vragen over box 3 gaat niet over de berekening maar over wat er uberhaupt in zit. Het onderscheid tussen de boxen bepaalt of je met 36% te maken hebt of met een heel ander regime.

BezitWaar het valtToelichting
Je eigen woningBox 1Met eigenwoningforfait en hypotheekrenteaftrek, niet in box 3
Tweede woning of vakantiehuisBox 3Onder ‘overige bezittingen’, dus 6%
BeleggingspandBox 3Idem, plus de eenmalige overdrachtsbelasting bij aankoop
Spaargeld en betaalrekeningBox 3Onder ‘banktegoeden’, dus 1,28%
Beleggingen en ETF’sBox 3Onder ‘overige bezittingen’
CryptovalutaBox 3Overige bezittingen — dus 6%, niet 1,28%
Opgebouwd pensioenNiet in box 3Valt buiten de vermogensrendementsheffing
Aanmerkelijk belang in een BVBox 2Eigen regime en eigen tarief

De twee die het vaakst misgaan: cryptovaluta wordt door veel mensen als spaargeld gezien maar valt onder de 6%, en een woning die je verhuurt aan een familielid blijft box 3, ook als de huur laag is.

Wat je er praktisch mee kunt

Box 3 is niet iets wat je wegoptimaliseert, maar er zijn wel een paar dingen die verschil maken en die legitiem zijn.

Stap 1

Benut de vrijstelling van je partner

Met een fiscale partner is er samen ruim 118.000 euro vrijgesteld. De verdeling van het vermogen tussen partners mag je in de aangifte kiezen.

Stap 2

Weet in welke categorie je vermogen valt

Het verschil tussen 1,28% en 6,00% is groot. Dat betekent niet dat je moet stoppen met beleggen — het betekent dat je het nettorendement moet beoordelen, niet het bruto.

Stap 3

Vergeet je schulden niet

Schulden zijn aftrekbaar boven een drempel, tegen 2,70%. Consumptieve schulden en sommige andere leningen tellen mee.

Stap 4

Laat spaargeld niet op 0% staan

Je betaalt belasting over een aangenomen rendement van 1,28%, of je bank je dat nu betaalt of niet. Krijg je minder, dan betaal je effectief belasting over rendement dat je niet hebt gehad.

Dat laatste punt is de meest concrete: het verschil tussen banken op precies hetzelfde spaargeld is groot genoeg om je box 3-aanslag te compenseren. Hoe die markt in elkaar zit staat in de hoogste spaarrente en in deposito rente vergelijken.

Affiliate

Je spaargeld wordt belast alsof het 1,28% oplevert

Dan kun je maar beter zorgen dat het dat ook echt doet. Geld.nl houdt de actuele spaar- en depositorentes bij.

Spaarrentes vergelijken

De peildatum: wat je er wel en niet mee kunt

Box 3 kent één peilmoment: 1 januari. Wat je op die dag hebt, bepaalt je aanslag over het hele jaar. Verkoop je in februari je beleggingen, dan verandert er voor dat jaar niets meer.

Wat legitiem is en wat niet

· Legitiem: een geplande grote uitgave — een verbouwing, een auto — in december doen in plaats van in januari. Het geld is dan echt weg.
· Legitiem: een schenking die je toch al van plan was vóór de jaarwisseling doen.
· Niet legitiem: vermogen kortstondig wegzetten rond 1 januari en het daarna terughalen. Daar bestaat wetgeving tegen, en de Belastingdienst kent de route.
· Let op de schuldendrempel: schulden zijn pas aftrekbaar boven een drempel. Een kleine schuld aflossen levert fiscaal niets op.

De eerlijke samenvatting: aan box 3 valt weinig te optimaliseren zonder dat je werkelijk iets aan je vermogen verandert. Wie je iets anders belooft, verkoopt je een constructie waar je later spijt van krijgt.

Veelgestelde vragen

Hoeveel vermogen is vrijgesteld in box 3?

Het heffingsvrij vermogen bedraagt in 2026 59.357 euro per fiscale partner. Heb je een fiscale partner, dan is dat samen dus ruim 118.000 euro voordat je iets betaalt.

Wat is het tarief in box 3?

36% over het berekende rendement — niet over je vermogen zelf. Dat onderscheid is de kern van hoe box 3 werkt en waar de meeste verwarring vandaan komt.

Waarom betaal ik belasting over rendement dat ik niet heb gehad?

Omdat box 3 met forfaitaire percentages werkt: de Belastingdienst gaat uit van een aangenomen rendement per categorie, niet van wat jij daadwerkelijk hebt verdiend. Dat is precies het punt waarop het stelsel jarenlang is aangevochten.

Welke percentages gelden er in 2026?

1,28% voor banktegoeden, 6,00% voor overige bezittingen zoals beleggingen en vastgoed, en 2,70% voor schulden. De percentages voor spaargeld en schulden zijn voorlopig: die worden pas begin 2027 definitief vastgesteld.

Telt mijn eigen woning mee in box 3?

Nee. De woning waarin je zelf woont valt in box 1, met de hypotheekrenteaftrek en het eigenwoningforfait. Een tweede woning of een beleggingspand valt wel in box 3.

Kan ik mijn vermogen rond 1 januari verschuiven om minder te betalen?

De peildatum is 1 januari, dus in theorie wel. Maar de Belastingdienst kent die route en er bestaat wetgeving tegen kortstondig schuiven rond de jaarwisseling. Doe dit niet op eigen houtje op basis van een tip van internet.

Bronnen

  • Belastingdienst — box 3, heffingsvrij vermogen en forfaitaire rendementspercentages
  • Rijksoverheid — hervorming box 3 en werkelijk rendement
  • Je eigen jaaroverzichten van bank en broker, per 1 januari

Stratex Lab is geen financieel adviseur en geen fiscalist. Dit artikel is algemene informatie op basis van openbare bronnen, bijgewerkt op 10 augustus 2026. Tarieven en bedragen veranderen; controleer ze bij de Belastingdienst of bij de aanbieder voordat je een beslissing neemt. Artikelen op deze site kunnen affiliate-links bevatten. Dat kost jou niets extra en heeft geen invloed op wat we schrijven.


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *